Eén van de vaste bewoners van de landgoederen waar LOP-Wendakker werkt, is de buizerd. Deze stevige roofvogel met brede vleugels is niet echt uitgerust om snel achter een prooi aan te gaan. Vaak zit ze dan ook op een paaltje of op een tak te wachten totdat er een muis verschijnt. De buizerd doet zich echter vooral te goed aan aas en aan verzwakte dieren, zoals vogels die verkeersslachtoffer zijn geworden of tegen een hoogspanningsmast zijn opgevlogen of aan een ziek konijn. De buizerd is dus eigenlijk de vuilnisman van de natuur en houdt de wildstand gezond. Elk jaar trekken tienduizenden buizerds naar het zuiden om te overwinteren. Nederland is voor de Scandinavische buizerds een ideale winterverblijf. Broeden er in Nederland zo’n 10.000 paar buizerds, in de wintermaanden huizen wel zo’n 75.000 buizerds in Nederland.

Jonge buizerds

Rond deze tijd hebben de buizerds jongen. Hun nest bevindt zich meestal in een rustig deel van een landgoed, in een hoge boom. Ook dit jaar helpt de LOP-begeleider weer mee met het ringen van de jonge roofvogels. Wanneer het nest is gevonden, kan aan de hand van de breedte van de ring van uitwerpselen rond de boom geschat worden hoe oud de jongen zijn. Zijn ze te jong (minder dan 2 weken), dan zijn ze behoorlijk kwetsbaar voor regen en voor rovers als kraaien. Zijn ze te oud (ouder dan 4,5 week), dan bestaat de kans dat de jongen uit het nest springen als je erbij klimt. Ze zitten dan al volledig in de veren en doen zo nu en dan hun eerste vliegoefeningen. Ze zijn dan echter nog erg onhandig en hoewel het opvliegen meestal wel goed gaat, is het landen dan vaak een probleem. Ze landen dan knullig op een tak, die ze met hun klauwen vastgrijpen. Ze hebben meestal echter nog teveel vaart om hun evenwicht te bewaren en tuimelen voorover. Zo kunnen ze een kwartier lang ondersteboven aan de tak blijven hangen, om vervolgens toch maar uitgeput los te laten en al stuiterend via takken op de grond te belanden. Ook op de grond worden de jonge roofvogels door de ouders gevoerd, alleen zijn ze hier weer een makkelijke prooi voor vossen en andere roofdieren. De beste leeftijd om de jongen te ringen is dus als ze zo’n 2 tot 4,5 weken oud zijn. Ze zijn dan niet erg kwetsbaar meer en de ouders blijven dan vaak langere tijd weg om voedsel te zoeken.

Buizerds ringen

Onlangs hebben we twee nesten met jonge buizerds geringd. De jongen waren ongeveer 3,5 week oud. Het ene nest bevond zich in een vrij dunne els, op zo’n 18 meter hoogte en de ander bevond zich in een dikke beukenboom, op zo’n 24 meter hoogte. Met behulp van klimtouw klom ik naar de nesten toe. Ook deze keer gingen ze eerst geheel achterover op hun staart en rug liggen, zodat ze hun poten vrij hadden om de ‘aanvaller’, ik in dit geval, te kunnen grijpen. In de nesten bevonden zich 2 en 3 jongen, waarbij het dons al grotendeels had plaatsgemaakt voor veren. Ik deed ze één voor één in een rugtas en liet deze voorzichtig met het klimtouw naar beneden zakken, waar ze door vrienden geringd werden voor onderzoek.
Vervolgens werden de vogels weer omhoog gehesen en weer terug geplaatst in het nest. Nog eventjes en dan zijn ook zij groot genoeg om vrij rond te zweven boven het Nederlandse landschap.

De ring

De metalen ring die vogels krijgen bevat een uniek nummer en er staat Vogeltrekstation Arnhem Holland op vermeld. Nagenoeg ieder land heeft haar eigen ringcentrale. Wanneer een vogel wordt teruggemeld, gevangen of dood wordt terug gevonden en het ringnummer wordt opgegeven bij Vogeltrekstation Arnhem,  kan men bepalen hoe oud een vogel is geworden, waar ze naartoe trekt en waar ze verblijft. Ook kan bij achteruitgang van de soort bepaald worden waar dit aan ligt en wat er aan gedaan kan worden.